Deelnemerslijst

Schepen

1 2 3 4 5 6
Naam schip Aandrijving Beschijving of historiek
Olivia Motor

Gebouwd 1978 door POCA Werf, Hedensted, Denemarken als GRP replica van een ca. 1915 houten overnaatse dag-vissersboot uit Dragør bij Kopenhagen. Oorspronkelijk met mast en zeil, nu met een 1 cyl Yanmar dieselmotor. Gebruikt als (hobby-) vissersboot vanuit Hanstholm en Vejle en nu in het Oostzee vanuit Høruphav, Denemarken.

Zeeëgel Roei

Houten Roeigiek

Master Antheunis Zeil

Zeeuwse Schouw, gebouwd bij Kooijman En De Vries

HYDROVILLE Motor

Hydroville is ’s werelds eerste erkende passagiersvaartuig dat waterstof en diesel verbrandt in een dieselmotor.
Waterstof heeft als voordeel dat er geen CO2, fijnstof of zwaveloxides vrijkomen bij de verbranding ervan.
De catamaran is in de eerste plaats een proefproject om waterstoftechnologie te testen voor toepassingen bij grote zeeschepen.
Daarnaast wordt het schip als shuttle gebruikt om werknemers van CMB tijdens de spitsuren van en naar kantoor te brengen tussen Kruibeke en Antwerpen.
Lees meer: https://water-rant.be/2019/09/hydroville-op-water-rant/

Avontuur Zeil  
Vrouwe Nele Zeil

Het zeilschip Vrouwe Nele is een tweemaster zeilklipper met drie voorzeilen. Ook genoemd een sont- en wadvaarder.
Het schip zou gebouwd zijn in Baasrode, België, op de scheepswerf Van Damme in het jaar 1896.
Van de eerste levensjaren is weinig geweten.
Mogelijk is een motor oorspronkelijk ingebouwd zodat het schip zowel kon zeilen als op de motor varen.
Waarschijnlijk werd het schip ingezet als kolenschip en later omgebouwd tot tankschip.
Ook werden de vrijboorden aangepast om het schip zeewaardig te maken.
Als vrachtschip zou het levertraan vervoerd hebben vanuit Scandinavië naar Nederland.
De vorige eigenaar kocht het schip en maakte er een zeiljacht van.
Men vertelt dat het zeiljacht omzwervingen zou gemaakt hebben tot in de Middellandse Zee.
Het schip verkommerde in het Zeekanaal Schelde-Brussel en werd openbaar verkocht.
De huidige eigenaar, Jos De Wael (ODTH nv), gaf het in 2006 een grondige renovatie.
Mits aanpassingen met moderne en wettelijke besturingsmiddelen is de Vrouwe Nele een juweeltje geworden.
Het schip wordt nu gebruikt voor public relations doeleinden en voor het inrichten van events.
De Vrouwe Nele is geklassificeerd als passagiersschip.

Echodrone Motor

Toekomst voor autonome vaartuigen

Uylenspiegel Roei  
Otten I Motor

Gebouwd in 1927 te woerden voor de meelfabriek otten.

YE 36, "Andries Jacob" Zeil

In 1900 wordt op de werf van Dirk van Duyvendijk op Tholen de hoogaars VE 13 gebouwd als garnalenvisser voor Jan Bliek uit Veere. Met haar lengte van 14.85 meter over de stevens is ze voor die tijd een groot schip. Doorgaans bedroeg de lengte zo'n 11 tot 13 meter. Ook wordt haar vlak tamelijk breed opgezet: 10 Amsterdamse voeten (2,80 mtr.) Hierdoor is haar draagvermogen groter dan de meeste hoogaarzen van die tijd. Ze kan dus veel lading meenemen. Ook wordt haar achterschip, de aars, ronder gebouwd, zodat ze het water makkelijker los laat, hetgeen haar snelheid ten goede komt. Nog weten oude vissers te vertellen dat de VE 13 een snelle zeiler was.

De ye 36 na de restauratie

Of Bliek tevreden was met de 'Vrouwe Anthonie' is niet bekend. Wel weten we dat hij de VE 13 al in in 1913 verkoopt aan zijn schoonzoon Minneboo. Zoals de meeste Zeeuwse schepen krijgt ook de VE 13 in de twintiger jaren een motor. Het oude visserijconsent (vergunning) vermeldt dat de Kromhout in 1923 wordt ingebouwd. Dit betekent echter niet dat de zeilen van boord gaan. De motor dient aanvankelijk als hulpmiddel. Hij wordt gebruikt als de wind of stroom uit de verkeerde hoek komt in de smalle stroomgaten van de Zeeuwse delta.

In 1931 verhuisd de VE 13 naar de familie Pekaar in Yerseke en wordt nu geregistreerd als YE 114. De 'Drie Gebroeders', zoals het schip nu heet, wordt al in 1935 voor 3000 gulden doorverkocht, nu aan Marinus Verschuure. Hij verkoopt hiervoor zijn Zeeuwse Schouw, de YE 36 en herdoopt zijn nieuwe schip als 'Andries Jacob', de naam van zijn zoon. Het schip overleeft de tweede wereldoorlog, mede doordat de zoon, die machinist op de grote vaart is geweest, de motor op eenvoudige wijze onklaar maakt. Zo wordt de YE 36 onbruikbaar voor de bezetter. Vlak voor de bevrijding komt het schip nog te zinken door een dichtbij ontploffende granaat.

In 1947 wordt de Kromhout motor vervangen door een 2-cyl. Widdop van 80 pk. Het schip wordt opnieuw klaar gemaakt voor de mosselkweek. De daaropvolgende jaren maakt het schip wekelijks een reis naar de waddenzee en terug. Zoals blijkt uit het visserijconsent neemt in 1954 de zoon Andries Jacob het schip van zijn vader over.

Deze blijft tot 1968 met het schip vissen en verkoopt het dan aan de watersport. Na nogal wat omzwervingen via Nijmegen en Harderwijk komt het schip uiteindelijk in het bezit van scheepstimmerman Piet Dekker uit Kortenhoef. Het nagenoeg tot wrak verworden schip wordt door hem teruggebracht in de originele staat: een Zeeuws vissersschip, de Hoogaars YE 36. Eind 1978 verkoopt hij de YE 36 aan Adrie de Jonge uit Den Bommel, die het schip met veel liefde, inspanning en financiele oppoffering verder restaureert en uitrust tot de laatste vissende houten mosselhoogaars.

Op 7 september 1990 wordt de YE 36, in aanwezigheid van Andries Jacob Verschuure, zijn kleinzoon, alsmede de zoon van Sander Minneboo aan de Stichting Behoud Hoogaars overgedragen, waarbij een ieder de wens uitspreekt dat het voor de huidige en toekomstige generaties een levend bewijs mag zijn voor wat de visserij heeft grootgemaakt.

In de jaren daarna wordt het schip beetje bij beetje verder in de originele staat gerestaureerd en is nu te zien op de wateren als een fraaie Visserman Hoogaars.

Alcyon Zeil

In 1928 werd op de werf van Meerman in Arnemuiden de ARM 42 gebouwd, een eikenhouten hoogaars van 13.85 m. Vermoedelijk is zij dan de laatste vissermanhoogaars die zonder motor wordt gebouwd. Het schip is dus nog maar gedeeltelijk afgebouwd als begin oktober 1928 de opdracht wordt gegeven voor afbouw als jacht. In november van dat jaar wordt Albert de Hemptinne de nieuwe eigenaar. Hij laat een 4 cilinder Ailsa-Craig benzine motor van 12 pk inbouwen en geeft het schip de naam "Goëland". Nadat in 1932 een nieuwe motor (Volvo penta) is ingebouwd, wordt de "Goëland" te koop aangeboden, zoals blijkt uit advertenties is 1932 en 1933.

Vermoedelijk in 1934 koopt Henry Beyer het schip, dat dan zichtbare tekenen van verwaarlozing vertoont. Een grote beurt is nodig, de romp wordt helemaal kaal gehaald, en in 1935 wordt ze onder de naam Alcyon II ingeschreven in Lloyd's Register of Yachts Ook wordt ze ingeschreven bij de Royal Antwerp Yacht Club in de klasse OB, nummer 8. Ze heeft dan ook een eigen herkenningsvlag, een witte ijsvogel op een turkooizen veld.

Alcyon na de laatste restauratie. Het laatste jaar van inschrijving was 1972. In de jaren 1937 en 1938 neemt de Alcyon II regelmatig deel aan de grote evenementen in Antwerpen, maar nooit met veel succes. Na het overlijden van Henry Beyer in 1944 wordt de Alcyon eigendom van zijn schoonzoon, Pierre Boumans. Er wordt vrijwel ieder weekeinde gevaren, waarbij mevrouw Boumans-Beyer meestal aan het roer staat. Tijdens de oorlog is de familie, die van Franse afkomst is, gevlucht naar Frankrijk, en heeft een relatie geprobeerd het schip ook in Frankrijk in veiligheid te brengen. Achterhaald door de vijandelijkheden is de Alcyon II ergens aan de Frans-Belgische grens blijven liggen. Toen het jacht werd teruggevonden was de gehele inventaris verdwenen, maar het schip was in essentie intact. Het is direct nadien teruggevaren naar Antwerpen. In de zestiger jaren was de Alcyon II thuis in Lillo, en had een vaste schipper, de bekende "Koning van Lillo" Staf de Lee. Deze is tot zijn tragisch overlijden in 1972 schipper op de Alcyon II geweest. Kort na deze gebeurtenis is het jacht verkocht aan de familie Dendekker uit 's Gravenwezel. In het begin van de negentiger jaren raakt het schip in de versukkeling en in 1997 wordt het inmiddels slechte schip aangekocht door de Stichting Behoud Hoogaars. Dankzij een subsidie van de Euregio kan in december 1999 worden aangevangen met een volledige restauratie. Op 16 juni 2001 wordt het schip gedoopt door mevr. Boumans - Beyer (88 jaar) en de heer W.T. van Gelder, commissaris van de Koningin in Zeeland. Sinds de tewaterlating wordt dit volledig gerestaureerde schip met veel succes ingezet door de stichting.

TH 49 "Drie Gebroeders" Zeil

De hengst De Drie Gebroeders is gebouwd in 1908 op de werf 'Moed en trouw' van Petrus Verras in De Paal. Volgens visserijregister ingeschreven als GRA 13 Twee (!) Gebroeders A. Ivens 25-9-1926, 47 M3 BRT, 21 m3 netto mosselvisserij, afgevoerd op 27-3-29 als TH 49, door J.J. Schot ingeschreven op 11-4-29 ook als Twee Gebroeders. Volgens bewijs nr.49 van de Rijksinkomstenbelasting door J.J. Schot op 10 -10-24 aangemeld. Volgens J. Hassel, de vorige eigenaar, gebouwd in 1908, eerst als GRA 13, daarna Z 22 (Zeebrugge), daarna TH 49. Ook zou het schip nog in de Clinge gevaren hebben (?). Het ziet er naar uit dat Schot de visbun heeft laten inbouwen.

De boot heeft zonder kluiverboom een lengte van 11,75 mtr., grootste breedte 4,25 mtr., top van de mast 11, 75 mtr. boven water. Het schip heeft een diepgang van 60 cm. Terwijl het vol getuigd 90 m2 zeil voert. Naast het zeil kan gebruik worden gemaakt van een 9 PK Anglo Belge gloeikopdiesel (ABC-motor). In 1958 werden de koppen van de klossen vervangen. In de winter van 60/61 werd de visbun verwijderd en werd het schip door Duivendijk voorzien van een roef met mahonie interieur.

In de buurt van het kot werden enkele knieen vervangen. Later werd de gloeikop vervangen door een Peugeot-diesel van 50 PK. In 1981 werd het schip aangekocht door Jurgen Hassel en Christel Maye. De hengst lag toen bij een werf in Leimuiden (Stofberg?), en was in een slechte staat. Door Duivendijk zijn toen enkele reparaties verricht. Uniek is dat door Jurgen Hassel een uitgebreid fotoarchief werd aangelegd, foto's gemaakt tijdens de aankoop door dhr. De Leeuw, foto's van de ombouw van visserman tot jacht en uiteraard foto's uit de periode dat hij zelf met het schip voer. In februari 1996 verkochten zij het schip aan de Stichting Behoud Hoogaars. Helaas was het schip inmiddels in een te slechte staat om door de SBH te worden ingezet. Plannen werden gemaakt voor een grondige restauratie en er werd enthousiast begonnen aan het verzamelen van fondsen voor de restauratie. Uit het schip werden de motorinstallatie en het interieur verwijderd en het casco werd zo goed mogelijk geconserveerd. Nadat het schip ongeveer 2 jaar op de kant had gestaan op een terrein in Kats werd het op 5 september 2000 op een dieplader naar Vlissingen gebracht. In de voormalige timmerfabriek van de Kon. Mij. De Schelde is zij volledig gerestaureerd. In 2006 geheel gerestaureerd weer te water gelaten en als visserij schip weer te bewonderen.

De Wet Zeil

Het begon allemaal op de werf van Wouter en Comelis Stam in Nieuw-Lekkerland. Daar werd in 1909 een hoogaars op stapel gezet voor een visser uit Veere. Tijdens de bouw werd het schip verkocht aan een Engelsman die het schip als jacht Het afbouwen, en het vervolgens meenam naar Engeland. Na daar 67 jaar te hebben rondgevaren werd het schip gevonden door een Nederlandse fotograaf die het weer terugbracht naar Nederland. Uiteindelijk komt het schip in bezit van Willem van Eeken die het laat restaureren, en er op die manier weer een schitterende hoogaars van laat maken.

Volharding 1 Stoom

De ‘Volharding 1’, is één van Nederlands laatste op kolen gestookte stoomsleepboten. Het gebruik van stoom als aandrijfmiddel maakt de sleepboot tot een betrouwbaar en krachtig bedrijfsvaartuig.

De ‘Volharding 1’ voer tot de Tweede Wereldoorlog onder de naam de ‘Harmonie 6’ vooral als rijnsleper richting Ruhrgebied in Duitsland. De Duitse staalindustrie had grote behoefte aan grondstoffen zoals ijzererts, dat via de Rotterdamse haven aangevoerd werd. Op de weg terug werden voornamelijk kolen, bedoeld voor brandstof, meegenomen. In 1951 kwam de ‘Harmonie 6’ naar Rotterdam. Ze wordt omgebouwd tot havensleepboot en doet daarna als ‘Volharding 1’ zestien jaar dienst in de Rotterdamse haven. Door de schaalvergroting van de zeeschepen en de motorisering van de binnenvaart wordt de stoomsleper vanaf 1967 niet meer bedrijfsmatig geëxploiteerd.

EMMANUEL Motor

Is gebouwd in 1924 op de werf van van Gelder te Deest aan de Waal.
De Emmanuel is een luxe motor.
De lengte is 19.20m en de breedte 4.20m.
Tonnage 56 ton.
De motor was een gloeikop/staande Deutz/ 24 pk., deze werd vervangen in 1968 door een Volvo Penta 100 pk.

De eerste eigenaar was dhr.Klootwijk te Numansdorp.
De tweede eigenaar was zijn zoon Leo Klootwijk te Numansdorp.
De derde eigenaar was de neef Aart de Winter te Numansdorp.
De vierde en huidige eigenaar is diens zoon Jan de Winter te Numansdorp.

Tot de derde eigenaar werd er als particulier schipper gevaren, o.a. met
aardappelen, bieten en graan...etc.
Toen schipper Leo Klootwijk in 1977 bij Strijen-Sas overboord sloeg en verdronk is het schip overgenomen door neef Aart de Winter.
Sindsdien is het schip in gebruik voor recreatie.

fladderak III Zeil

Stalen Sspant zeiljacht. OGA lid
gebouwd door scheepswerf de Leede in de Lier.
bouw jaar 1946/1947.
42 jaar in bezit van huidige eigenaar

Vrouwe Nele Motor  
Hoop op Zegen Zeil

"Hoop op Zegen"

Skûtsje of Friese tjalk

lengte : 18,43 m over de stevens
over alles: ca. 22 m
breedte : 3,57 m
diepgang: 0,80 m
hoogte: ca.18 m boven de waterlijn
met gestreken mast ca. 2,50 m

Gebouwd als 'roefschip' "Cornelia" in 1912 op de werf van
Alle Berends Barkmeijer te Briltil, Zuidhorn (Groningen).
Toenmalig laadvermogen ca. 38 ton.

Opdrachtgever: (1e eigenaar) Gerrit Jacobs Duiker uit Grouw
1e scheepsmeting onder registratienummer S 1044 N, Sneek, 28 sept. 1912.

2e eigenaar: Sierk van der Meer uit Oostermeer, vanaf 5 mei 1921.

2e scheepsmeting onder registratienummer G 3927 N, Stavoren, 26 juli 1934.
Nieuwe naam "Hoop op Zegen"

3e eigenaar: Anne Jongstra uit Stavoren, vanaf 1934.

Kadastraal brandmerk: 349B Leeuw 1953.

XXe eigenaar: fam Hoogelander uit Den Haag, 1975 tot 1983.

Oorspronkelijk gebouwd voor het vervoer van grond, aarde, mest, e.d. maar ook
wel stukgoed in de Noord Nederlandse wateren, in Friesland,
Groningen en Drenthe.
Dankzij de eenvoudig met behulp van een contragewicht strijkbare mast
zeer geschikt voor de kleine kanalen met lage vaste bruggen.
Eerst voer men zo veel mogelijk onder zeil of werd het schip gejaagd
met mankracht of door paarden.
Later werd ook wel gebruik gemaakt van een zgn. opdrukker.(kleine duwboot)
Na de 2e W.O. tot in de 60-er jaren in gebruik als opslagschip voor een
brandstoffenhandel in Leeuwarden.

In 1975 verbouwd tot jacht en voor het eerst een motor geplaatst,
een gebruikte DAF 575 uit een vrachtwagen.
Vanwege de geringe holte van het schip is het oude laadruim
verhoogd tot een comfortabele roef met stahoogte.
Het kleine roefje van vroeger is nu de zitkuip.

Sinds 1983 in bezit van de huidige eigenaars, eerst als woonschip
en later weer als jacht.
Vanaf 1987 weer onder zeil, ca. 140m², zover mogelijk in originele uitvoering.
Huidige ligplaats(sinds 1995): Schippersvereniging Houthaven, Houtkade, Goes, NL.
De laatste jaren zijn reizen gemaakt door Nederland, België,
Frankrijk, Duitsland en Denemarken.

In 2009 is er een nieuwe motor geplaatst, een 4 cil. Deutz van 102pk en werd het
schip voor het eerst uitgerust met een dacron grootzeil (voorheen altijd katoen).
Zeilteken: de Goese Gans.

BOLA Zeil

Deze Folkboat is in 1964, midden in de koude oorlog, in Rohstock, voormalig oost Duitsland, gebouwd voor een Engelse klant! Vandaar dat BOLA carveel gebouwd is en een “doghouse” heeft in tegenstelling tot de meeste schandinavische Folkboats. Verder is het een Zware Dame met dikkere planken en ongeveer 2x zoveel ribben dan een standaard Folkboat. Dit om de elementen van de Noordzee te weerstaan die over het algemeen wat ruwer zijn dan de Baltische wateren waar de Folkboat oorspronkelijk voor bedoelt was. BOLA is als FB 402 in 1964 geregistreerd bij de Britse Folkboat Assosiation, en na omzwervingen via de Thames en Medway in 2006 bij de huidige eigenaar terecht gekomen. Na een volledige revisie in St Osyth heeft Bola deelgenomen aan de St Katherines Mayor Cellibrations in Londen en verschillende East Coast Old Gaffers Association evenementen.Verder is ze verschillende malen bij Oostende voor Anker geweest en heeft deelgenomen aan een aantal Dutch Classic Yacht Regatta’s. Nu voor het eerst zover de rivier op in “vaste land Europa”. Als Volkswagen onder de scherpe jachten.

Nimbus Zeil

Noorse jol gebaseerd op het idee van Collin Achers double enders.

1 2 3 4 5 6

Exposanten

© 2021 - Water-rAnt