Antwerpse Droogdokken: de kraamkamer, de operatiezaal, het atelier van de scheepvaart

De Droogdokken – al 123 jaar het vitale centrum voor scheepsherstelling in Antwerpen

Heel anders dan bij de mens, start de geboorte van een schip in het droge. Die bevruchting heet de kielleging. De kiel of kielbalk is dan ook de basis waarop de spanten, de romp, het dek en de andere superstructuur wordt opgebouwd. Het schip op een oever of een helling opbouwen werd met de groeiende omvang van de vaartuigen steeds lastiger. Een dok dat de scheepsvorm volgde en waar het water weg kon gehaald worden met pompen of eb werd een interessant en efficiënt alternatief.

Het droogdok is dus een ruimte waarin schepen en andere vaartuigen kunnen invaren en vervolgens worden drooggezet om te bouwen, te herstellen of onderhoud te kunnen uitvoeren aan de onderkant van de anders altijd vlottende romp: het onderwaterschip. Het dok is voorzien van een rechte, verstevigde bodem en geprofileerde wanden  om het schip met steunen rechtop te laten droogstaan.

 

Water er in, water er uit

Aanvankelijk lagen droogdokken aan getijdenwater, zodat de valven geopend konden worden bij eb om het water uit het dok te laten lopen. Hier in Antwerpen duurt het ca. drie uur eer de enorme pompinstallaties al het water uit het dok hebben gepompt nadat de sluisdeuren afgesloten zijn. En het schip op een afdoende manier is gesteund om te verhinderen dat het omvalt. De wanden van de dokken zijn gebogen, zodat de S-rompvorm van de schepen gemakkelijker kan gestut worden.

Via een indrukwekkend systeem van valven en leidingen met groot debie wordt het dok met water gevuld waardoor het vaarklare schip weer vlot komt. De deuren gaan open en het schip kan weer naar de haven of de Schelde varen of worden gesleept. De bediening van de houten sluisdeuren ging via kaapstanders met mankracht. Pas begin 1900 werden elektrische lieren ingezet.

Voor de havenwerklui, scheepsherstellers en andere vakmensen die aan de schepen bij een dokbeurt komen werken zijn de dokken ook bekend als ‘de putten.’

 

Haven investeert in droogdokken

Vanaf 1861 bouwde de stad -die toen de haven beheerde- de eerste droogdokken aan de noordwestkant van het Kattendijkdok.

Dok nummer 1, 125 meter lang, werd in 1863 operationeel om in 1896 verlengd te worden tot 155 meter. Dokken 2 en 3 dateren uit 1865; en in 1881 werden 4 tot 6 gebouwd, samen met de verlenging van het Kattendijkdok naar het noorden. In 1930-31 kwamen de dokken 8 tot 10 er die opmerkelijk genoeg langer zijn dan de breedte van het Kattedijkdok. Hierdoor kon men twee schepen achtereen tegelijk dokken.

De meeste dokken liggen schuin i.v.t. de lengteas van het Kattendijkdok, waardoor het in en uit maneuvreren van de oceaanreuzen vlotter kon verlopen.

 

Scheepsherstelling

De lange geschiedenis van scheepsherstelling van Antwerpen loopt parallel met de groei van de scheepvaart en de uitbreiding van de haven.

Scheepsherstelling was een van de kroonjuwelen van de haven met fonkelende namen als Beliard-Murdoch, Mercantile, SKB maar ook Saverys, een familie die nog steeds in de scheepvaart actief is.

© 2019 - Water-rAnt